Begroting 2020

Budgettaire kaders en uitgangspunten

De gehanteerde kaders en uitgangspunten zijn conform de beleidslijnen van vorige begrotingen. In de begroting zijn alle bedragen in duizenden euro’s tenzij anders aangegeven. Daar waar “Begroting 2019” staat vermeld betreft het de geactualiseerde begroting 2019 zoals vastgesteld in de Drechtraad van 5 februari 2019.
De indeling van de begroting in begrotingsprogramma’s is ongewijzigd gebleven. Bij het begrotingsprogramma Bedrijfsvoering zijn de budgetten van Gemeentebelastingen en Onderzoekcentrum Drechtsteden samengevoegd. Dit is budgettair neutraal.

Financiële ruimte, perspectiefnota, en indexering
De Drechtraad heeft op 7 maart 2017 de vernieuwde systematiek Trap op Trap af vastgesteld. Daarbij is afgesproken in 2019 een evaluatie te houden. Die evaluatie wordt in de loop van 2019, samen met voorstellen voor aanpassing van de systematiek, in procedure gebracht voor besluitvorming.
Ervaringen bij begrotingen 2018 en 2019 en recente ontwikkelingen geven echter aanleiding al bij deze primaire begroting van de systematiek af te wijken.
Zo is er dit jaar geen Perspectiefnota opgesteld. Enerzijds heeft dit te maken met de actualiteit: er moet immers nog besluitvorming plaatsvinden over de voorstellen uit het rapport van de commissie Deetman, en over de Visie Sociaal Domein. Anderzijds hebben gemeenten in hun zienswijzen bij de geactualiseerde begroting 2019 aangegeven bij de primaire begroting een meer integraal beeld te willen hebben. Gemeenten kunnen daar dan bij hun lokale begroting rekening mee houden.
Daarom is de kostenindexering, die voorheen in de Perspectiefnota werd geraamd, nog al volledig in de begroting en de gemeentelijke bijdragen verwerkt.

Kostenindexering
In deze primaire begroting zijn de budgetten aangepast voor loon- en prijsontwikkelingen. Conform de kaderstelling voor de GR'en in Zuid-Holland Zuid worden voor deze indexering de CPB-ramingen gehanteerd zoals die zijn opgenomen in de septembercirculaire 2018 gemeentefonds:


* toelichting bij de kerngegevens is te vinden op: https://www.cpb.nl/artikel/toelichting-bij-kerngegevenstabel
** 2019 is op basis van de MEV 2019. 2020-2022 is op basis van de CEP 2018
*** cijfers 2022 zijn doorgetrokken naar 2023

Prijsstijgingen zijn in de begroting opgenomen waar daarvoor een contractuele verplichting is. Daarbij wordt gerekend met de index "Prijs bruto binnenlands product (pbbp)". Voor 2020 bedraagt die prijsindex 2,0%.
Voor de schatting van de loonkostenstijging wordt gebruikt de "Prijs overheidsconsumptie, beloning werknemers". Die index, voor 2020 3,2%, is toegepast op de loonkosten van de vastgestelde personeelsformatie.
Bij de geactualiseerde begroting 2020 en de 1e en 2e burap 2020 wordt over de werkelijke kostenontwikkeling gerapporteerd.

Die budgetstijging door de kostenindexering is als volgt in de begroting opgenomen (bedragen x € 1.000):

bedrag

Bureau Drechtsteden

  150

Regiogriffie

  14

Sociale dienst

  1.072

Servicecentrum

  1.101

Gemeentebelastingen

  205

Totaal

  2.542

Groeiagenda
De Drechtraad heeft op 6 februari 2018 het structurele jaarbudget voor de groeiagenda 2030 vastgesteld op € 2,6 miljoen. In afwachting van de besluitvorming over de voorstellen van de commissie Deetman is dit budget ook in begroting 2020 opgenomen.
Daarnaast is de bijdrage aan de economic development board van € 0,3 miljoen begroot. Deze bijdrage was vastgesteld voor de jaren 2017, 2018 en 2019. In 2019 vindt een evaluatie plaats. Vooralsnog is de bijdrage van € 0,3 miljoen in begroting 2020 gehandhaafd.

Sociaal Domein
Besluitvorming over de "Visie Sociaal Domein" moet nog plaatsvinden, inclusief het bijbehorende nieuwe financieel kader. De primaire begroting 2020 is daarom gebaseerd op het bestaande beleid.
De begroting 2020 en de meerjarenraming 2021-2023 bestaan uit reële ramingen van de lasten bij het ongewijzigd laten van dat beleid, ook voor de programma onderdelen waarvoor tot en met 2019 het beschikbare budget het uitgangspunt was.
Voor de Participatiewet en de WMO 2015 is tot en met 2019 financiële solidariteit tussen de gemeenten afgesproken, met als verdeelsleutel de beschikbare Rijksmiddelen.
In het nieuw vast te stellen financieel kader worden ook nieuwe financiële afspraken gemaakt over de gemeentelijke bijdragen, en het al dan niet voortzetten van een vorm van financiële solidariteit.
In de primaire begroting 2020 is voor de bepaling van de gemeentelijke bijdragen voor participatie en WMO 2015 de verdeelsleutel gebaseerd op de beschikbare Rijksmiddelen volgens de septembercirculaire 2018 van het Gemeentefonds. De verdeelsleutels zijn daarmee gelijk aan die bij de geactualiseerde begroting 2019.

Aanvullende informatie voor gemeenten
Een groot deel van de gemeentelijke middelen loopt inmiddels via de gemeenschappelijke regelingen. Het is daarom van belang gemeenten aanvullende (financiële) informatie te geven. Met de primaire begroting 2019 wordt hier weer een verdere invulling aan gegeven. In de meerjarenraming is een meerjarig overzicht van de gemeentelijke bijdragen opgenomen. Verder is de risicotabel nu ook gekwantificeerd per gemeente.

ga terug